Auteursarchief: Marion Sumari - De Boer

Peak

Mount Meru – Nederlands

Ik word wakker op dinsdagochtend, 9 mei, door het geluid van regen. Ik denk er maar aan dat Arusha National Park op ongeveer 60 kilometer afstand ligt, dus hopelijk is de regen lokaal en regent het daar niet. We zetten onze tassen in de auto, halen de gids Jackson en chef-kok Albert op in Moshi en rijden naar Arusha National Park. Onderweg worden de wolken dikker en dikker. Bij de park gate is alles grijs en het miezert. De formaliteiten bij de gate nemen veel tijd in beslag doordat de man aan de balie meer geld wil dan de gepubliceerde parkfees. Na het tonen van de tarieven op het internet, op hun bord buiten de toonbank en in de brochure, besluit hij zijn supervisor bellen en concludeert dat we gelijk hebben. De vertraging van een uur leidt gelukkig tot beter weer. We rijden naar de tweede gate waar onze klim zal starten. Hier moeten we wachten op de ranger. We moeten een formulier te ondertekenen over het schoonhouden van het park etcetera etcetera. Om 12:30 beginnen we eindelijk te lopen. We besluiten om het zuidelijke Circuit, te nemen dat 10 km is en stijgt vanaf 1500 meter tot 2500 meter. Onderweg ontmoeten we franjeapen, giraffen, wrattenzwijnen en vogels. Na ongeveer twee uur lunchen we bij de Arch Fig Tree. Nog een uur later, vinden we watervallen waar we een korte rustpauze nemen. Na nog een uur bereiken we Mount Meru Krater waar het zeer mistig is en het lijkt alsof de regen snel gaat komen. We besluiten onze regenkleding aan te doen, ook tegen de koude wind. In de krater kunnen we duidelijk de basis van de askegel zien, maar de top ligth in de wolken. Ook de top van Mount Meru zelf ligt hoog in de wolken. Misschien is het beter dat we het niet kunnen zien, zodat we niet gedemotiveerd raken. Nog een half uur later bereiken we Miriakamba Hut op 2500 meter. Ik ben verbaasd over de mooie houten hutten met kamers met bedden met comfortabele matrassen, buiten vinden we gewone toiletten en stromend water en er is een leuke en gezellige eetzaal. We genieten van onze diner bestaande uit een avocado salade, vis filet en gebakken aardappelen. Na het diner gaan we naar onze kamer. Het is koud, maar eenmaal in onze slaapzakken warmen we snel op.

De volgende ochtend word ik wakker voor de wake-up call en loop naar het toilet. Op de weg, pikt mijn oog een prachtig uitzicht op Mount Kilimanjaro op zwevend op de wolken en de zon achter erachter. Ik loop terug naar de kamer om mijn camera te pakken en foto’s te nemen. Daarna genieten we van het ontbijt. Ten eerste pap, speciaal gemaakt voor de bergen. Dan pannenkoeken, eieren, worstjes en brood. Na het ontbijt, beginnen we weer te lopen. Een klein pad leidt ons over de kraterwand door het regenwoud naar een ​​picknick plaats genaamd Ngongo wa Tembo (olifanten terug). We zijn in de wolken, dus we zien niks. We genieten van een snack en gaan weer lopen en na tien minuten klaart het op naar intens blauw. In het Oosten is de Kilimanjaro duidelijk zichtbaar met zijn gletsjers. We gaan over in een andere zone met vooral heide. De struiken hier zijn allemaal zwart verbrand en we begrijpen dat dit het gevolg is van ongecontroleerde bosbranden vorig jaar veroorzaakt door imkers. Rond de middag komen we aan bij Saddle Hut op 3500 meter. Ik voel een beetje hoofdpijn. We nemen onze lunch bestaande uit spaghetti met tomatensaus. We rusten een beetje en rond drie uur moeten we Little Meru te beklimmen om te acclimatiseren. Na een uur bereiken we de piek op 3820 meter. Vanaf hier hebben we een prachtig uitzicht op de berg Meru en het pad naar de top (het lijkt een lange steile weg), de bovenkant van de as kegel, Saddle Hut en op de Kilimanjaro. We blijven hier een tijdje want het is zonnig en goed voor acclimatisatie. Mijn hoofdpijn is voorbij. In een half uur lopen we terug naar de hut waar ons diner van rijst en tomatensaus wacht. Dan gaan we snel naar bed om 7:30 uur want we worden gewekt om middernacht.

We zijn wakker voor middernacht en beginnen met de voorbereiding voor de laatste klim. Na een laatste toiletbezoek en thee met koekjes beginnen we langzaam lopen. Ten eerste is het een slingerend pad voor ongeveer 15 minuten. Dan beginnen we zigzaggend de eerste heuvel naar Rhino Point op 3800 meter. We hebben een korte pauze terwijl we de koude wind beginnen te voelen. We zien niet veel want de maan is slechts een kwart. Na de pauze gaan we verder en plotseling moeten we naar beneden klimmen langs een rotsachtige muur met enkele kleine kettingen om te voorkomen dat we naar beneden vallen. Ik schrik ervan omdat ik dit niet had verwacht. Onze gids had wijselijk zijn mond gehouden. Daarna lopen we een beetje meer naar beneden en komen naar een andere rotsachtige muur waar we weer moeten klimmen. Hier zijn geen kettingen. Ik ben bang omdat ik geen idee heb hoe diep het dal onder ons is. Ik ben niet zeker of ik door wil blijven gaan wanthet beklimmen langs deze muur maakt me bang en ik ben moe en ik voel me misselijk. Na wat peptalk van mijn vader, Ben en Jackson, herstel ik mezelf en ga verder. Maar alleen voor een korte tijd want na de rotswand, beginnen we omhoog te lopen op een smal pad dat bestaat uit vulkanisch grind waardoor ik na elke stap een klein beetje terug glijd. Het is moeilijk, heel moeilijk. Ik voel dat mijn energie minder wordt, maar ik kan niet eten vanwege misselijkheid. Ik geef het bijna op tot mijn vader een arm om me heen slaat en me adviseert om door te gaan. Ook Ben begint me te motiveren door te zeggen dat opgeven het ergste is wat ik nu kan doen. We gaan verder en er volgt nog een aantal van zulke stops met peptalk en een sanitaire stop op de weg. Ik moet zeggen, naar de wc gaan achter een rots met mijn achterste in de wind en -7 graden op een hoogte van ongeveer 4000 meter is niet echt comfortabel, maar het is zeker speciaal. Na nog een peptalk stop waarin Ben vertelt me ​​om door te gaan om te zien wat er achter de volgende rots daarboven is, hef ik mezelf op als ik zie dat de lucht in het oosten begint op te lichten. Jackson draagt ​​mijn tas wat me iets verlicht. Bij het passeren van die rots , zie ik ineens het beste uitzicht op de Kilimanjaro ooit. Het is gewoon het zwarte silhouette van de berg, maar met een geelachtige tot roodachtige, paarse tot zwarte hemel achter de berg… echt, de beste boost die ik op dat moment nodig heb. Ik vertel de anderen ‘Oké, laten we ervoor gaan’ en ze beginnen te lachen. Ik kan de piek zien, maar ik ben niet zeker hoe ver het is. Na het passeren van nog een paar rotswanden, maar in ieder geval met een aantal paden, ontmoeten we de andere helft van de groep die al bij de top is geweest omdat ze tijdens mijn peptalks stopt doorlipen. Ze vertellen me dat ik na de volgende hoek de vlag op de top zal kunnen zien. En het is waar, maar het lijkt nog zover. Vanaf onze laatste klim hier, lijkt het alsof de vlag niet echt dichter bij komt bij elke stap. Maar opeens zie ik dat het nog maar een paar meter is en de ranger vertelt me ​​’slechts twee minuten. Ik begin min of meer hard  te lopen en ik bereik, na mijn vader, Socialist Peak op 4566 meter en Ben volgt na mij. Wao … Ik ben er!!! We nemen veel foto’s en tekenen het visitor’s book. Dit is zo’n fantastisch gevoel, maar ik ben bijna te moe om blij te kijken. Misschien ook omdat ik weet dat we de hele weg weer terug moeten. Na ongeveer een half uur is het tijd om aan de afdaling te beginnen. Al snel beginnen mijn benen pijn te doen en te trillen. Hoewel Jackson mijn tas draagt, begint alles pijn te doen en we hebben nog een lange weg te gaan. Nu we kunnen zien hoe ver het is, werkt het erg demoraliserend. Mijn vader gaat sneller en loopt voor ons uit met een van de porters. Er zijn prachtige vergezichten onderweg, maar het is moeilijk om te genieten vanwege de inspannende wandeling. Bij de rotswanden zie ik het dal niet zo diep is en ook niet zo steil. Het vulkanische grind is nog moeilijker te belopen naar beneden, ik ben moe en niet in staat om mijn spieren te controleren. Maar we moeten verder. Na ongeveer vijf uur bereiken we Saddle Hut waar we een uur hebben om te pakken, om ons ontbijt en lunch te nemen en te rusten. Ontbijt en lunch staan op tafel en bestaan uit gebakken eieren, worstjes, pannenkoeken, brood, zoete aardappelen, chips en gekookte eieren. Ik krijg er energie van en rond 01:30 beginnen we naar beneden te lopen. Eerst voel ik dat ik heel goed in staat ben om dit laatste deel doen, maar al snel zijn mijn benen zo moe dat elke stap te veel is. Ik geniet er niet meer van en met tranen in mijn ogen loop ik verder en uiteindelijk bereiken we het hek rond 18:30. Ik ben helemaal kapot, maar nog steeds vol met adrenaline. We ontvangen onze certificaten van het park. We geven de porters, gidsen en ranger hun welverdiende fooien en stappen in de auto terug naar Moshi. Foto’s kun je hier bekijken!

Mount Meru was het moeilijkste wat ik ooit heb gedaan, maar ik had het zeker niet willen missen. De uitzichten zijn geweldig. Het vulkanische uiterlijk van de berg is prachtig. Het beste van alles is de kick die je krijgt bij het bereiken van de piek. Bovendien is de ervaring van het klimmen met mijn vader en mijn man supergaaf. Ik ga Meru nooit meer doen, maar ik kijk ernaar uit om Mount Kilimanjaro en Uhuru Peak te bereiken!

Doneren voor het Ujumbe project is nog steeds mogelijk. Meer informatie is hier te vinden.

IMG_3258

Mount Meru

I wake up on Tuesday morning, 9th May, by the sound of rain. I am just thinking that Arusha National Park is about 60 km away, so hopefully, the rain is local and not there. We put our bags in the car, pick up the guide Jackson and chef Albert from Moshi town and start driving to Arusha National Park. On the way, the clouds get thicker and thicker. When at the park gate, everything is grayish and it is drizzling. The formalities at the gate take long as the guy at the counter wants more money than the published park fees. After showing him the rates on the internet, on their signboard outside of the counter and in the brochure, he decides to call his supervisor and concludes that we were right. A delay of one hour fortunately leads to better weather. We drive to the second gate from where our climb will start. There we have to wait again for the ranger. We have to sign a form about keeping the park clean etcetera etcetera. When it is 12:30pm, we finally start walking. We decide to take the Southern Circuit which is 10km and ascends from 1500 meter to 2500 meter. On the way, we meet black and white Colobus monkeys, giraffes, warthogs and birds. After about two hours we have lunch at the Arch Fig tree. Another hour later, we find waterfalls where we have a short rest. After another hour, we reach the floor of Mount Meru Crater where it is very foggy and it seems rain may come soon. We decide to put on our rain clothes, also against the cold wind. In the crater, we can clearly see the base of the ash cone, but the top is in the clouds. Let alone the top of Mount Meru itself. Maybe it is better that we can’t see it, not to get demoralized. Another half an hour later, we reach Miriakamba Hut at 2500 meter. I am surprised to find nice wooden sheds with rooms with beds with comfy mattresses, outside we find flushing toilets and running water and there is a nice and cozy dining room. We enjoy our dinner consisting of an avocado salad, fish filet and baked potatoes. After dinner, we go to our room. It is cold, but when we find out sleeping bags we quickly warm up.

The next morning I wake up before the wakeup call and walk to the toilet. On the way, my eye catches a great view of Mount Kilimanjaro floating on the clouds and sun behind it. I run back to the room to get my camera and take pictures. Breakfast calls. First porridge, especially made for the mountain. Then pancakes, eggs, sausages and bread. After breakfast, we start walking again. A small path winding up the crater wall leads us through the rainforest to a picnic place called ngongo wa tembo (elephants back). We are in the clouds, so we do not see anything. We enjoy some snacks and continue walking and after ten minutes, the sky clears to intense blue. In the East, Mount Kilimanjaro is clearly visible with its glaciers. We enter another zone of moorland. The bushes here are all burned black and we understand this is because of an uncontrolled bushfire last year caused by beekeepers. Around noon, we arrive at Saddle Hut at 3500 meter. I feel a little headache. We have our lunch consisting of spaghetti with tomato sauce. We rest a bit and around three we have to climb Little Meru for acclimatization. After one hour, we reach the peak at 3820 meter. From here, we have a great view on Mount Meru and the path to the peak (it seems like a long steep way), the top of the ash cone, Saddle Hut and on Mount Kilimanjaro. We stay here for a while as it is sunny and good for acclimatization. My headache is over. In half an hour, we walk back to the hut where we get our dinner of rice and tomato sauce. Then we quickly go to bed at 7:30pm as will have to wake up at midnight.

We are awake before midnight and start preparing for the final ascent. After a last toilet visit and tea with biscuits, we start walking slowly. Firstly, it is a winding path for about 15 minutes. Then we start zigzagging the first hill towards Rhino Point at 3800 meter. We have a short break there while we start feeling the cold wind. We don’t see much as the moon is only one quarter. After the break we continue down a bit and suddenly we have to climb down along a rocky wall with some small chains to prevent us from falling down. It shocks me a bit as I did not expect this. After this, we walk a bit more down and come to another rocky wall where we have to climb up again. Here there are no chains. I’m scared as I have no idea how deep the valley below us is. I am not sure if I want to continue as climbing along this wall scares me, I am tired and I feel nauseated. After some pep talk of my father, Ben and Jackson, I reset myself and continue. But only for a short while as after the rocky wall, we start ascending on a narrow path consisting of volcanic scree which makes me to slide down a bit after each step. It is tough, very tough. I feel my energy goes down, but I cannot eat because of nausea. I’m nearly giving up until my father wraps an arm around me and pushes me to continue. Also, Ben starts to motivate me that giving up will be the worst thing to do at this stage. We continue with several of such stops with pep talks and with a sanitary stop on the way. I have to say, going to the bathroom behind a rock with my butt in the wind and -7 degrees at an altitude of about 4000 meter is not the most comfortable thing, but it is certainly special. After another pep talk stop in which Ben tells me to continue to see what is behind that next rock up there, I lift myself up as I see in the sky in the East starts to lighten up. Jackson carries my bag which relieves me a bit. When passing that rock up there, I suddenly see the best view of Mount Kilimanjaro ever. It is just its silhouette completely black but with a yellowish to reddish, purple to black sky behind it…really, the best boost I needed at that time. I tell the others ‘Okay, let’s go for it’ and they start laughing. I can see the peak, but I am not sure how far it is. After passing another couple of rocky walls but at least with some path, we meet with the other half of the group that already went to the peak as they continued during my pep talk stops. They tell me that after the next corner, I will be able to see the flag on the peak. And it is true, but it still looks far. Starting our last ascent here, it seems like the flag does not get any closer with each step I take. But suddenly, I can see, only a few meters are left and the ranger tells me ‘only two more minutes’. More or less, I start running and following my father, I reach Socialist Peak at 4566 meter and Ben follows after me. Wao…I made it!!! We take many pictures and  sign the visitor’s book. This is such a fantastic feeling, but I am almost too tired to look happy. Maybe also because I know we will have to go back all the way. And after about half an hour, it is time to start our descent. Soon, my legs start hurting and shaking. Although Jackson the guide carries my bag, everything starts paining and we still have a long time to go. Now that we can see how far it is, it is quite demoralizing. My father goes quicker and walks ahead of us with one of the porters. There are great views on the way, but it is difficult to enjoy because of the strenuous walk. At the rocky walls, I see the valley was not that deep and not that steep. The volcanic scree is even more difficult to walk on when going down, being tired and not being able to control my muscles. But we have to continue. After about five hours, we reach Saddle Hut where we have about one hour to pack, to take our breakfast and lunch and to rest. Breakfast and lunch are both on the table consisting of fried eggs, sausages, pancakes, bread, sweet potatoes, chips and boiled eggs. But I get energy and around 1:30 we start walking down again. First, I feel I am very well able to do this last part, but soon my legs are so tired that every step is too much. I don’t enjoy anymore and with tears in my eyes I continue and finally we reach the gate around 6:30pm. I’m broken completely but still full with adrenaline. We receive our certificates from the park. We give the porters, guide and ranger their well-deserved tips and get in the car back to Moshi. Pictures can be found here!

Mount Meru was the toughest thing I ever did, but I certainly wouldn’t have liked to miss it. The views are great. The volcanic appearance of the mountain is wonderful. The best of all is the kick you get when reaching the peak. Moreover, the experience to climb with my father and my husband was great too. I will never do Meru again, but I am looking forward to do Mount Kilimanjaro and reach Uhuru Peak also!

Donating for the Ujumbe project is still possible. More details can be found here.

mount-meru

Voorbereidingen voor Mount Meru

Ben en ik gaan over twee weken Mount Meru beklimmen in Arusha National Park . Zes jaar geleden heb ik de Kilimanjaro beklommen en ik wil dat nog eens doen. Maar ik dacht laten we eerst Meru doen, het kleine zusje van Kilimanjaro. Met de klim werven we fondsen voor het Ujumbe Project.

Mount Meru

Mount Meru is het kleine zusje van Kilimanjaro. Het is gelegen in Arusha NP op ongeveer 60 km ten westen van Mount Kilimanjaro. De berg is niet zo hoog met 4562 meter. Het is een slapende vulkaan en de laatste kleine uitbarsting was in 1910. De laatste grote uitbarsting blies de oostelijke muur van de berg weg waardoor het zijn karakteristieke uiterlijk kreeg. Klimmen wordt over het algemeen beschouwd als wat inspannende dan het beklimmen van de Kilimanjaro, want het is veel steiler. Maar, hoog op de berg, zullen we beloond worden met een prachtig uitzicht op de Kilimanjaro tijdens zonsopgang … zeggen ze … de steilheid schrikt me wel een beetje af. Een andere beperking is dat het dan nog regentijd is, met het risico op ijs en sneeuw . Maar … Ik kijk uit naar de kick bij het bereiken van socialist peak.

Voorbereiding

Wat is een goede voorbereiding voor het beklimmen van zo’n berg als je niet een ervaren bergbeklimmer bent? Nou … ze zeggen dat het het beste is om te wandelen, te wandelen en te wandelen en bovendien hardlopen, hardlopen en hardlopen. Ik niet veel gewandeld in de afgelopen maanden, behalve een trap op het werk, maar ik heb wel drie keer per week hard gelopen sinds Kerstmis. Ik hoop dat het genoeg is. Ik herinner me dat het goed werkte voor Kilimanjaro en dit keer loop ik nog langere afstanden. Het zou dus goed moeten zijn. Maar ik herinner me ook de paden naar beneden op Kilimanjaro. Die waren eigenlijk het moeilijkste van de trip. En ik heb niet echt meer geoefend dat alleen de weg naar beneden door de koffieplantages. Naast training is voorbereiding op uitrusting ook belangrijk. Daarbij valt te denken aan thermo kleding, een buff, camelbags, goede schoenen, water- en winddichte kleding, wandelstokken, slaapzakken en andere zaken. Gelukkig gaan er dragers met ons mee wat werkgelegenheid creëert.

Fondsenwerving voor het Ujumbe Project

Met het beklimmen van de berg, willen we fondsen werven voor het Ujumbe Project. In dit project gaan we SMS-berichten (ujumbe = bericht) sturen aan zwangere vrouwen over gezonde levensstijl en het belang van de kliniek bezoeken. Het sterftecijfer onder zwangere vrouwen en baby’s is nog steeds erg hoog en we hopen door voorlichting de leefstijl van zwangere vrouwen te verbeteren en het aantal kliniek bezoeken te  verhogen. Als u ons wilt steunen kunt u hier meer informatie over het project en hier informatie over donaties. Gebruik projectnummer 2016.0626 om uw donatie te identificeren. U kunt ook onze facebookpagina bekijken.

Bedankt, ook namens de vrouwen en baby’s van Mdawi !!!

Logo_Ujumbe WildeGanzen_Logo_2015_CMYK CoK-logo-fc

mount-meru

Preparation for Mount Meru

Ben and I will climb Mount Meru in Arusha National Park after two weeks. Six years ago I climbed Mount Kilimanjaro and I wish to do that again. But I thought let’s first do Meru, the little sister of Mount Kilimanjaro. With the climb, we are raising funds for the Ujumbe Project.

Mount Meru

Mount Meru is the little sister of Mount Kilimanjaro. It is situated in Arusha NP and about 60 km west of Mount Kilimanjaro. The mountain is not as high with 4562 meter. It is a dormant volcano with its latest small eruption in 1910. The last big eruption blew away the Eastern wall of the mountain giving it its characteristic look. Climbing is generally considered a bit more strenuous than climbing Mount Kilimanjaro, because it is much steeper. However, high up the mountain, we will be rewarded with stunning views of Mount Kilimanjaro during sunrise…they say…the steepness scares me a bit. Another handicap is that it will be still be rainy season, which may cause ice and snow on top. But… I am looking forward to the kick after reaching socialist peak.

Preparation

What is a good preparation for climbing such a mountain if you are not an experienced mountain climber? Well…they say it is walking, walking and walking and in addition running, running and running. I did not do much walking in the past months except some stairs at work, but I have been running for about three times a week since Christmas. I hope it is enough. I remember that it worked well for Kilimanjaro and this time I run even longer distances. It must be good. But I also remember the downwards paths at Kilimanjaro. They were the toughest part of the trip actually. And I did not really exercise for that besides running down the road through some coffee plantations. Besides the exercise, preparation considering gears is also necessary. Thinking of thermal clothes, buff, camel bags, good shoes, water and windproof clothes, walking sticks, sleeping bags and others. Luckily, porters will join us to carry my stuff which creates employment.

Fundraise for the Ujumbe Project

By climbing the mountain, we will raise funds for the Ujumbe Project. This project will send SMS messages (ujumbe=message) to educate pregnant women about healthy lifestyle and importance of clinic visits. The mortality rate among pregnant women and baby’s still very high and we hope by education to improve the lifestyle of pregnant women and increase the number of clinic visits. If you would like to support us you can find more information about the project and information where to donate can be found here. Use project number 2016.0626 to identify your donation. You can also like our facebookpage.

Thanks, also on behalf of the women and baby’s of Mdawi!!!

Logo_Ujumbe WildeGanzen_Logo_2015_CMYK

 

 

 

Inspection Southern Tanzania

Southern Tanzania! A great destination for safaris. If you come to Tanzania for the first time, of course you have to see the Serengeti (in the north). It can easily be combined with the Ngorongoro Crater and the other parks like Tarangire, Arusha and Manyara. However, in the south of Tanzania, you can also find fantastic parks. The advantage there is that the parks are not that much busy. As we get more and more requests from customers for the south, we find it important that we know the area well including lodges. I had already been to the Selous but that was seven years ago. And Selous is not the only thing there is to see. We decided to go for an inspection Trip to the south. We flew to Dar es Salaam with Fastjet to visit a number of national parks and the Selous from there. Fastjet is a relatively new budget airline. Although it offers cheap flights, it is fine.

From Dar es Salaam, we first drove to Mikumi National Park. We stayed there in Mikumi Wildlife Camp. The camp is located near the entrance of the park. From both the accommodation, as from the dining terrace, you have a beautiful on the savannah of light of the plains of Mikumi. The name says it all, because the white light makes the image breathtaking. Even more because of the elephants and other wild animals coming to drink at the waterholes ahead of the terrace. The rooms of the camp fit well with the park, as they are decorated with lots of white and light wood tones. We did a game drive in the park of half a day in which we have seen a lot of wildlife such as elephants, giraffes, wildebeest, impala, hippos, crocodiles, numerous water birds and other wildlife with a background of light colored savannah surrounded by hills. We really enjoyed it and Mikumi is really worth visiting. Photos are available at: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.969082089775697/969070053110234/?type=1&theater

From Mikumi we made ​​a day trip to the Udzungwa Mountains. This is a national park which is very green and where several waterfalls can be visited. You can do treks ranging from several hours to several days. We opted for a trip of several hours as we were with our two-year-old daughter. She sat on the back with Bernard. We strolled through the green forest to Sanje Falls, a 170-meter high waterfall. We walked with a licensed guide who could tell us about the local plants. Although it was raining, it was a nice trip. The waterfalls are beautiful and you can swim underneath the falls. After this walk of several hours, we paid a visit to Hondo hondo camp. This camp is located in the greens and around the camp, many different species of monkeys are playing such as vervet monkeys, baboons and Colobus monkeys. The camp has budget bandas (nice bandas that really look like African huts) and more luxurious tents with a bathroom. Udzungwa is good to visit for a change of all game drives. It is green and very fresh. Photos at: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.969880959695810/969874176363155/?type=1&theater

After visiting these two national parks, it was time to go back to the Selous. I remember that I loved it in 2007, but still Serengeti remained my favorite because of the vast plains. That idea has somehow changed now. The Selous was again stunningly beautiful this time. The park has a huge variety of landscapes and wildlife concentration is very high. We have been there three days, and I really enjoyed everything. We have seen so much. The nature varies from swamps to lakes with palm trees, shrub savannah to rainforests and grass savannah to desert. You will find an abundance of giraffe, yellow baboons, crocodiles and impala. Furthermore, there are many elephants, hippos, wildebeest and zebras. We have also seen lions. Rare to be seen are the kudu and eland, but we have seen them. In addition to the game drives, we also did a boat safari on the Rufiji River (at sunset) and a walking safari in the morning. During the boat safari we especially enjoyed beautiful birds on the riverbanks and a beautiful sunset. During the walking safari, I especially learned about tracks and droppings of animals and of different trees that grow there. Besides the Serengeti, Selous is really a must-see in Tanzania. We stayed at Selous River Camp. A beautiful camp on the banks of the Rufiji River with mud huts (but luxurious). They also have tents for hire and you can camp itself. A very nice camp with owners who do everything to go to please your needs. Photos at: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.970697426280830/970693459614560/?type=1&theater

After these days in the wild, we finished at a beautiful location on the beach south of Dar es Salaam. We had two days at the Lighthouse Beach lodge. A beautiful lodge with various accommodations on the beautiful Kidagaa Beach. This is a nice end after a safari in Tanzania. Photos at: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.968695519814354/968694726481100/?type=1&theater

I am sad that this trip is already over. Although it was a busy trip with watching as many parks and lodges in a short time, it was great to finally see Southern Tanzania. I highly recommend it in combination with the north or by itself if you already have been in the north. Because I keep on saying, when you come to Tanzania for the first time, you cannot skip the Serengeti. But actually, the same applies to the Selous.

 

Marion

Inspectie Zuid Tanzania

Zuid-Tanzania! Een geweldige bestemming voor safari’s. Als je voor het eerst naar Tanzania komt, moet je natuurlijk de Serengeti (in het noorden) hebben gezien. En dat is goed te combineren met de Ngorongoro Krater en de andere parken zoals Tarangire, Arusha en Manyara. Maar in het zuiden van Tanzania zijn ook fantastische parken te vinden. Het voordeel daar is dat die parken nog niet zo druk bezocht zijn. Aangezien wij steeds meer vragen krijgen van klanten voor het zuiden, vinden we het belangrijk dat we zelf het gebied en de lodges aldaar goed kennen. Ik was zelf al eens in de Selous geweest, maar dat is al zeven jaar geleden. En Selous is niet het enige wat er te zien is. We besloten daarom om voor een inspectie-trip naar het zuiden te gaan. We vlogen naar Dar es Salaam met Fastjet om vanuit daar een aantal nationale parken en de Selous te bezoeken. Fastjet is een relatief nieuwe budget vliegmaatschappij. Hoewel het budget is, is het prima.

Vanuit Dar es Salaam reden we eerst naar Mikumi National Park. We verbleven daar in Mikumi Wildlife Camp. Het kamp ligt vlakbij de ingang van het park. Vanuit, zowel de accommodatie, als vanaf het gezamenlijke diner-terras, heb je een prachtig uitzicht op de savannen van Mikumi, ook wel de savanne van het licht genoemd. Die naam doet zijn eer aan, want het witte licht maakt het beeld adembenemend mooi. Destemeer doordat in de morgen en avond olifanten en andere wilde dieren bij de waterbronnen komen drinken die voor het terras liggen. De kamers van het kamp passen goed bij het park, want ze zijn met veel wit en lichte houtkleuren ingericht. We hebben een halve dag game drive in het park gedaan waarbij we veel hebben gezien zoals olifanten, giraffen, gnoes, impala’s, nijlpaarden, krokodillen, tal van watervogels en andere wilde dieren met een achtergrond van lichtgekleurde savanne met daarom heen heuvels. We hebben echt genoten en Mikumi is echt de moeite waard. Foto’s zijn te vinden op: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.969082089775697/969070053110234/?type=1&theater

Vanuit Mikumi hebben we een dagtrip naar de Udzungwa Mountains gedaan. Dit is een nationaal park wat vooral heel erg groen is en waar verschillende watervallen zijn te bezoeken. Je kunt er trekkings doen varierend van enkele uren tot enkele dagen. Wij kozen voor een trip van enkele uren omdat we onze twee-jaar oude dochter ook mee hadden. Zij zat op de rug bij Bernard. We wandelden door het groene woud naar Sanje Falls, een 170 meter hoge waterval. We liepen met een erkende gids die ons veel kon vertellen over de lokale begroeiing. Hoewel het regende, was het een mooie trip. De watervallen zijn prachtig en eventueel kun je zwemmen onderaan de watervallen. Na deze wandeling van enkele uren, brachten we nog een bezoek aan Hondo hondo camp. Dit kamp ligt midden in het groen en rond het kamp spelen vele verschillende apensoorten zoals meerkatten, bavianen en franje-apen. Het kamp heeft budget-banda’s (leuke banda’s die er echt uitzien als Afrikaanse hutjes) en wat luxere tenten met een badkamer. Udzungwa is een goede aanrader ter afwisseling van alle game drives. Het is er groen en erg fris. Foto’s op: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.969880959695810/969874176363155/?type=1&theater

Na het bezoek aan deze twee nationale parken was het dan tijd om terug te gaan naar de Selous. Ik kan me herinneren dat ik het in 2007 geweldig vond, maar toch bleef Serengeti nog altijd mijn favoriet vanwege de enorme vlakten. Dat idee is nu wel iets veranderd. De Selous was dit keer weer overweldigend mooi. Het park heeft een enorme varieteit aan landschappen en de concentratie wild is erg hoog. We zijn er drie dagen geweest en ik heb echt alleen maar genoten van alles. We hebben er zoveel gezien. De natuur varieert van moeras tot meren met palmbomen, van struiksavanne tot regenwoud en van grassavanne tot desert. Je vindt er een overvloed aan giraffen, gele bavianen, krokodillen en impala’s. Verder zijn er vele olifanten, nijlpaarden, gnoes en zebras. Ook hebben we leeuwen gezien. Zeldzaam zijn de kudu’s en elandantilopen, maar we hebben ze wel gezien. Naast de game drives hebben we ook een bootsafari op de Rufiji rivier (bij zonsondergang) en een wandelsafari in de morgen gedaan. Tijdens de bootsafari hebben we vooral genoten van mooi vogels aan de oevers en van een prachtige zonsondergang. Met de wandelsafari heb ik vooral geleerd over sporen en uitwerpselen van dieren en daarnaast van de verschillende bomen die er groeien. Selous is naast de Serengeti echt een must-see in Tanzania. Wij verbleven in Selous River Camp. Een mooi kamp aan de oevers van de Rufiji rivier met lemen hutten (maar wel luxe ingericht). Daarnaast hebben ze ook tenten te huur en kun je er zelf kamperen. Een heel fijn kamp met eigenaren die er alles aan doen om het je naar de zin te maken. Foto’s op: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.970697426280830/970693459614560/?type=1&theater

Na deze dagen in het wild sloten we nog af op een prachtige locatie aan het strand ten zuiden van Dar es Salaam. We hebben daar nog twee dagen uitgerust bij het Lighthouse Beach lodge. Mooie lodge met verschillende accommodaties op het prachtige Kidagaa Beach. Dit is een leuke afsluiter na een safari in Tanzania. Foto’s op: https://www.facebook.com/CaracalSafarisTanzania/photos/pcb.968695519814354/968694726481100/?type=1&theater

Ik vind het al weer jammer dat het voorbij is. Ondanks dat het een drukke trip was met het bekijken van zoveel mogelijk parken en lodges in een korte tijd, was het geweldig om nu eens het zuiden van Tanzania te zien. Een echte aanrader in combinatie met het noorden of op zichzelf als je al in het noorden bent geweest. Want ik blijf er wel bij, als je voor het eerst naar Tanzania komt, kun je eigenlijk niet om de Serengeti heen. Maar eigenlijk geldt hetzelfde voor de Selous.

Marion

 

 

 

 

Marion’s report of climbing Kilimanjaro

Last week Real Madrid was in Tanzania. In addition to a football match against the national team, they also climbed part of Kilimanjaro. Currently, we also get many requests for the climb and I thought about my own climbing four years ago which was not so well organized by the tour operator where I booked. I was living in the Netherlands and wanted the cheapest of the cheapest. On my old blog, I found the report of the climb. See here: “Here we are after a great experience at high altitude. Last Tuesday our trip began, we were retrieved by Yzak and porters at nine with a minivan. On to Machame Gate at 1800m. After all the formalities, (it took an hour, which is not too bad) we started walking to Machame Hut. The tour went through the rainforest, so it was raining. On the way, we saw monkeys. We were constantly overtaken by running porters with huge luggage bags on their heads. Fortunately, they are now only allowed to carry 20 kg, which used to be different. After five hours of walking, we arrived at Machame Camp (3000). The tents were ready, including the five-star dinner room. A large tent where we always ate and porters slept at night. At breakfast, there was always a certain smell in the dinner room. At this camp, it was not so cold. We had to pour our needs in a latrine, but we got quickly used to that. Next morning, Wednesday, we left for Shira Camp. The first part of the route ran over rocky terrain with low vegetation. We could see the lunch point all the time, but it took quite a long time before we were there. Then it was another hour to Shira Camp (3900 m). Here, Grieta had a big headache and felt nauseated. In addition, she could not eat. The others had little headache. Therefore, it was as exciting whether Grieta would continue. The next day fortunately, she felt better and we went with new courage on the way to Lava Tower (4600). The route to this rock is built in for acclimatization. Well, we could see the importance. It was tough, very tough, and when we got there Derk, Jan and Marion were not feeling well. We had no desire to eat lunch. We could not sit too long because then we fell asleep. After lunch without food intake, we descended back down to 3950 meters. This was Barranco Camp. Here it was very foggy and cold. The next morning the fog was gone and we saw Barranco Wall. Wow! We had to go up. The wall is 300 meters high and here we really had to scramble. Eventually it was all right. Even Jan has overcome his fear of heights here. Once up there, we walked to Karanga Camp (3950) for two hours. Overall, this day was not that tough. We had lunch on the campsite and were able to relax all afternoon. The next day, Saturday, we left for the last camp, Barafu Hut (4700). This trip took about four hours. The last part we still had quite a climb. The tents were completely hidden between the rocks. We were here at half past two and got lunch immediately. We then rested because it was, after all, the day before the summit night (the stage to the top). At five o’clock we got dinner (literally dinner: because it was always a three course meal consisting of soup, potatoes / pasta / rice with sauce and the first days also meat, and finally fresh tropical fruits and coffee / tea). Then we made everything ready for the summit night (!!! many clothes as it could be -16) and at seven o’clock we went to sleep (this was not unique). At half past eleven at night, we were woken up with a cup of tea (which was every morning like that) and biscuits. We dressed and off we went. With a head light! The moon was full and there was a lot of wind. The first part consisted of a climb of 100 meters. Then there was a flat part (false flat) where the wind began to stir. We saw the entire route in front of us as the headlights of other groups were visible, which was not motivating. After two hours Grieta was done. She did not want to climb for more hours. She therefore went back with Julius (assistant guide). Jan, Derk and Marion continued with Yzak. The trip went zigzagging up between the boulders over a path of ash. We constantly slipped back a bit. Drinking from the camel bag with hose while walking was almost impossible to do. After another two hours, Derk was so tired that he did not want to continue (5200 meters). Since there was only one guide with us, we all decided to go back. It soon became clear that Derk had altitude sickness. He fell down constantly and could not do anything anymore. Yzak dragged him down. Julius came back from the camp where he had left Grieta and together with Yzak dragged Derk back to the camp. We arrived there at half past seven. Gradually, Derk awoke and at the end he got back to his famous speeches, so it seemed things were going to be okay. After an hour of sleep and breakfast, he was okay. At half past ten, we went down to the last camp of the trip (3000 m). Sixteen km down in four hours. The camp was not really the place to be. It was very muddy. During lunch, Yzak came with the ability to go down to the exit of Kilimanjaro National Park so we could go to a hotel in Moshi. That meant that we had to go down another 14 km while Grieta and Marion already had blue toenails. However, the hot shower was calling! Therefore, we decided to leave the mud and went on the way. That was a wrong choice. Yzak had said that it was not so steep, but actually, it was 14 km walking down the stairs. At last, we did not know in front whether we were alive behind. However, we made ​​it. Our shoes were cleaned and we paid gratuities to guides, porters, cook and waiter and left with a mini bus to Moshi. Therefore, it was done. A relief and a completely new experience! It was awesome. Moreover, most importantly, through unofficial channels, we have understood that the amount required for the doctor’s house has been raised!!! ”

This was my report of Kilimanjaro. We then chose a cheap trip, which was wrong. The fact that there were not enough guides during the summit-night meant that we have not reached the summit. Despite that, it was a great experience. The magnificent views of Mount Meru and the hills and valleys on the Kilimanjaro itself are breathtaking. You are in a different world for days and are busy much with your own. In addition, there is of course the group with whom you can share everything. With this experience, I now know what is important when organizing a climb for our clients. Health and safety are paramount. Climbing Kilimanjaro is not a piece of cake and constant monitoring of symptoms of altitude sickness is vital. For me, this ascent led to a complete turnaround in my life, because half a year later I started my life in Tanzania. In any case, the ascent of Kilimanjaro is an experience for life.

 

Marion

200187_10150177672026425_1509975_n 199863_10150177672296425_118598_n 199523_10150177672491425_2572929_n 198067_10150177671656425_8128654_n 197563_10150177670866425_8283245_n 196459_10150177670956425_345653_n 195835_10150177672566425_8158903_n 189773_10150177671541425_1034734_n 189249_10150177672726425_4825848_n 188325_10150177671876425_1334391_n 188293_10150177671316425_1801798_n

Marion’s verslag van de Kilimanjaro

De afgelopen week was Real Madrid in Tanzania. Naast een voetbalwedstrijd tegen het nationale team hebben ze ook een stukje van de Kilimanjaro beklommen. Momenteel krijgen wij ook weer veel aanvragen voor de beklimming en ik moest terugdenken aan mijn eigen beklimming vier jaar geleden die destijds niet zo goed georganiseerd was door de touroperator waar ik had geboekt. Ik woonde toen nog in Nederland en wilde het goedkoopste van het goedkoopste. Op mijn oude blog vond ik het verslag van de beklimming. Zie hier: “Daar zitten we dan na een geweldige ervaring in de hoogte. Vorige week dinsdag begon onze tocht. We werden om negen uur opgehaald door Yzak en porters met een minibusje. Op naar Machame Gate op 1800 meter. Na alle formaliteiten (het duurde een uur, wat nog meevalt) begonnen we te lopen naar Machame Hut. De tocht ging door het regenwoud dus het regende. Onderweg zagen we nog apen. We werden constant ingehaald door rennende porters met enorme bagagezakken op hun hoofd. Gelukkig mogen ze nu maximaal 20 kilo mee, dat was vroeger wel anders. Na vijf uur klimmend lopen kwamen we aan op Machame Camp (3000). De tenten stonden al klaar, inclusief de 5-sterren dinner room. Een grote tent waarin wij altijd aten en de porters ‘s nachts sliepen. Bij het ontbijt was er dan ook altijd een omgevingsluchtje in de dinner room. Op dit kamp was het nog niet zo koud. We moesten onze behoefte doen op een beerput, maar daar wen je ook al gauw aan. De volgende ochtend, woensdag, vertrokken we richting Shira Camp. Het eerste deel van de route liep over rotsachtig terrein met lage begroeiing. We konden steeds het lunchpoint zien, maar het duurde nogal lang voordat we er waren. Daarna was het nog een uur tot Shira Camp (3900 m). Hier kreeg Grieta flinke last van hoofdpijn en misselijkheid. Ook kon ze niet eten. De anderen hadden enkel hoofdpijn. Het was dus even spannend of Grieta de volgende dag door zou gaan. Gelukkig was ze de volgende ochtend weer beter en gingen we met frisse moed op weg naar Lava Tower (4600). De route naar deze rots is ingebouwd voor acclimatisatie. Nou, dat hebben we geweten. Het was zwaar, heel zwaar en toen we daar aankwamen waren Derk, Jan en Marion echt niet lekker. We hadden helemaal geen zin om te lunchen. We konden ook niet lang zitten want dan vielen we in slaap. Na deze lunch zonder inname van voedsel daalden we weer af naar 3950 meter. Dit was Barranco Camp. Het was hier erg mistig en koud. De volgende ochtend was de mist weg en zagen we Barranco Wall liggen. Wow! Daar moesten we naar boven. De wand is 300 meter hoog en hier moesten we echt klauteren. Uiteindelijk viel het wel mee. Zelfs Jan heeft hier zijn hoogtevrees overwonnen. Eenmaal boven hebben we nog twee uur gelopen naar Karanga Camp (3950). Deze dag was al met al niet zo zwaar. We hebben gelunchd op de camping en konden de hele middag lekker relaxen. De volgende dag, zaterdag, vertrokken we richting het laatste kamp, Barafu Hut (4700). Deze tocht duurde ongeveer vier uur. Het laatste stuk moesten we nog flink klimmen en klauteren. De tenten stonden helemaal verstopt tussen de rotsen. We waren hier om half twee en kregen meteen lunch. Vervolgens hebben we lekker uitgerust want het was immers de dag voor de summit night (de etappe naar de top). Om vijf uur gingen we dineren (letterlijk dineren: want het was altijd een driegangen menu bestaande uit soep, aardappelen/pasta/rijst met saus en de eerste dagen ook nog vlees en als afsluiting vers tropisch fruit en koffie/thee). Daarna maakten we alles klaar voor de summit night (veel kleren!!! aangezien het -16 kon worden) en om zeven uur gingen we slapen (dit was overigens niet uniek). Om half twaalf ‘s avonds werden we gewekt met een kop thee (dat was ook elke morgen zo) en biscuitjes. We kleedden ons aan en daar gingen we. Op naar de top met een hoofdlamp op! Het was volle maan en (hier nog) windstil. Het eerste stuk bestond uit een klim van 100 meter. Daarna was er een vlak stuk (vals plat) waarbij de wind begon aan te wakkeren. We zagen op de hele route voor ons de hoofdlampjes van andere groepen, wat niet echt motiverend werkte. Na twee uur had Grieta het wel gezien. Ze zag het niet zitten om nog uren te moeten klimmen. Ze ging daarom met Julius (assistent gids) terug. Jan, derk en Marion gingen verder met Yzak. De tocht verliep zigzaggend naar boven tussen de keien door over een pad van as. Je gleed constant een stukje terug. Drinken uit de waterzak met slang tijdens het lopen was haast niet meer te doen. Na nog eens twee uur was Derk zo moe dat hij niet verder wilde (5200 meter). Aangezien er nog maar een gids was besloten we om met zijn allen terug te gaan. Al snel bleek dat Derk hoogteziekte had. Hij viel constant weg en kon helemaal niks meer. Yzak heeft hem naar beneden gesleurd. Onderweg kwamen we Julius weer tegen die weer naar boven kwam nadat hij Grieta op het kamp had achtergelaten. Julius en Yzak hebben Derk tot aan het kamp gedragen. We kwamen daar om half zeven aan. Langzamerhand werd Derk weer wakker en aan het eind kreeg hij weer zijn bekende praatjes, dus toen zat het wel weer goed. Hij is een uurtje gaan slapen en toen kregen we ontbijt. Om half tien zijn we op weg gegaan naar het laatste kamp van de tocht (3000 m). 16 km afdalen in vier uur. Aangekomen op het kamp bleek de tent in een grote modderpoel te staan. Niet echt lekker. Tijdens de lunch kwam Yzak met de mogelijkheid om verder af te dalen naar de uitgang van Kilimanjaro National Park zodat we naar een hotel in Moshi konden. Dat betekende echter dat we nog eens 14 km moesten afdalen terwijl Grieta en Marion al blauwe teennagels hadden. Echter, de douche trok! Dus we besloten om de modder te verlaten en gingen weer op pad. Dat hebben we geweten. Yzak had gezegd dat het niet zo steil was, maar eigelijk was het 14 km lang trappen lopen naar beneden. Het laatste stuk wisten we niet van voren of we van achteren nog leefden. Maar we zijn er gekomen. Onze schoenen werden gewassen en we betaalden fooien aan gidsen, porters, kok en ober en vertrokken met een minibusje naar Moshi. Het was dus klaar. Een hele opluchting en een hele ervaring rijker! Het was geweldig. En nog belangrijk, via onofficiele kanalen hebben we begrepen dat het benodigde bedrag voor de dokterswoning binnen is!!!”

Dit was mijn verslag van de Kilimanjaro. Wij kozen toen voor een goedkope trip en dat hebben we geweten. Het feit dat er niet voldoende gidsen waren tijdens de summit-night leidde ertoe dat we de top niet hebben gehaald. Ondanks dat was het een geweldige ervaring. De prachtige vergezichten op Mount Meru en de heuvels en valleien op de Kilimanjaro zelf zijn adembenemend. Je bent dagenlang in een andere wereld en vooral heel veel met jezelf bezig. Daarnaast is er natuurlijk de groep waar je alles mee kunt delen. Met deze ervaring achter de rug weet ik nu wel waar we op moeten letten bij het organiseren van een beklimming voor onze klanten. Gezondheid en veiligheid staan voorop.  Het beklimmen van de Kilimanjaro is geen eitje en een constante monitoring van symptomen van hoogteziekte is van levensbelang. Voor mijzelf leidde deze beklimming tot een totale ommekeer in mijn leven, want een half jaar later startte mijn leven in Tanzania. In ieder geval, de beklimming van de Kilimanjaro is een ervaring voor het leven.

Marion

188293_10150177671316425_1801798_n 188325_10150177671876425_1334391_n 189249_10150177672726425_4825848_n 189773_10150177671541425_1034734_n 195835_10150177672566425_8158903_n 196459_10150177670956425_345653_n 197563_10150177670866425_8283245_n 198067_10150177671656425_8128654_n 199523_10150177672491425_2572929_n 199863_10150177672296425_118598_n 200187_10150177672026425_1509975_n

 

Some of our tours

The months of July till September are months filled safaris. Since we provide tailor-made trips, everyone has their own program and itinerary. Through the experience of previous travelers, I keep continuing finding it easier and more fun to jump in the needs of our customers.

A few examples of our groups these months:

1. A young Dutch couple will do a safari of ten days in tents on campings .They go to Arusha National Park, Manyara National Park, Ngorongoro Crater, Serengeti and Tarangire national park. They will also do a cultural tour in Mto wa Mbu, including a visit to the Masai, and they go to lake Natron to view the beautiful volcanic landscape there. A cook is with them every day to prepare their meals. After their safari they go by bus and boat to Zanzibar for a week to rest on the beach of Jambiani Beach at Casa del Mar.

2. Two middle-aged ladies from the U.S. will do a six days safari and stay in lodges. They are visiting family in Dar es Salaam and fly to Kilimanjaro for their safari. They go to Tarangire National Park first for two days and will stay there in Maramboi Tented Camp. In addition, they go to Serengeti national park where they are staying in Serengeti Kati Kati Tented Camp and then to the Ngorongoro Crater where they will stay at Ngorongoro Wildlife Lodge.

3. Two ladies from Belgium and the Netherlands will go safari for seven days after first having week or so in Kenya with our partner there, See Africa Expeditions. They go with a more luxurious big canvas tent with stretchers. We will pick them up at the border and they go to Lake Manyara National Park, Serengeti National Park and the Ngorongoro Crater. They will also end their holidays on Jambiani Beach in Zanzibar after they have flown there. They will stay there in Mbuyuni Beach Village.

4. Two young students from Germany will go for two days on safari in Lake Manyara National Park and Ngorongoro Crater and will stay at Fanaka Lodge in Mto wa Mbu. They will be in Tanzania for volunteer / internship and have a limited budget, but still would like to go on safari.

5. A family from the Netherlands with two children aged ten years and younger will go on a four days safari, firstly to Lake Eyasi to see the Datoga and Hadzabe tribes. Then they will drive to Serengeti National Park and Ngorongoro Crater. They will also go camping. They have arranged the rest of their journey in Tanzania themselves, but their beach holiday will be on the mainland in Tanga, probably in Peponi Beach Resort.

This was just a small sample of the safaris that we have this summer. It’s fun to work with different groups such as couples, families, young and old, to make an appropriate program for each. The combination of different parks gives the chance to see a large variety of wildlife. The variety of culture makes the trip even richer. In addition, a seal on the beautiful beaches of Zanzibar and the Swahili coast on the mainland is a must. I wish I could go on safari myself :-D.

Marion

Een greep uit onze reizen

De maanden juli tot september zijn voor ons een maanden vol safaris. Aangezien we reizen op maat maken, heeft iedereen zo zijn eigen programma en route. Door de ervaringen van eerdere reizigers vind ik het steeds leuker en makkelijker om op de wensen van onze klanten in te springen. Een paar voorbeelden van onze groepen deze maanden:

1. Een jong Nederlands stel doet een safari van tien dagen in tentjes op daarvoor bestemde kampeerplaatsen. Ze gaan naar Arusha national park, manyara national park, Ngorongoro Krater, serengeti np en tarangire np. Daarnaast doen ze ook een culturele tour in mto wa mbu, met onder andere een bezoek aan de masai, en gaan ze naar lake natron om daar het prachtige vulkaan landschap te bekijken. Een kok gaat met ze mee om elke dag hun maaltijden te bereiden. Na hun safari gaan ze met bus en boot naar Zanzibar voor een weekje rust op het strand van Jambiani Beach in het Casa del Mar.

2. Twee dames van middelbare leeftijd uit de VS gaan zes dagen op safari en verblijven in lodges. Zij zijn op bezoek bij familie in Dar es Salaam en vliegen naar Kilimanjaro voor hun safari. Ze gaan eerst twee dagen naar Tarangire national park en verblijven daar in Maramboi Tented Camp. Daarnaast gaan ze naar Serengeti national park waar ze verblijven in Serengeti Kati Kati Tented Camp en vervolgens naar de Ngorongoro Crater waarbij ze verblijven in Ngorongoro Wildlife Lodge.

3. Twee  dames uit Belgie en Nederland zijn voor zeven dagen op safari nadat ze eerst een week of wat in Kenia op safari zijn geweest met onze partner daar, See Africa Expeditions. Zij gaan met een iets luxere grote tent met stretchers. We pikken ze op aan de grens en ze gaan naar Manyara national park, Serengeti national park en naar de Ngorongoro Krater. Ook zij sluiten hun vakantie af op Jambiani Beach op Zanzibar nadat ze daarheen zijn gevlogen. Ze verblijven daar in Mbuyuni Beach Village.

4. Twee jonge studenten uit Duitsland gaan twee dagen op safari in Manyara national park en Ngorongoro Krater en zullen verblijven in Fanaka Lodge in Mto wa Mbu. Zij zijn in Tanzania voor vrijwilligerswerk/stage en willen met een beperkt budget toch graag op safari.

5. Een gezin uit Nederland met twee kinderen van tien jaar en jonger gaat vier dagen op safari waarbij ze eerst naar Lake Eyasi gaan om daar de Datoga en Hadzabe stammen te bezoeken. Daarna rijden ze naar Serengeti national park en de Ngorongoro Krater. Ook zij gaan kamperen. De rest van hun reis in Tanzania hebben ze zelf geregeld, maar hun strandvakantie zal op het vaste land in Tanga zijn, waarschijnlijk in Peponi Beach Resort.

Dit was maar een kleine greep uit de safaris die voor deze zomer bij ons zijn geboekt. Het is leuk om te werken met verschillende groepen zoals stellen, families, jongeren en ouderen en voor elk een gepast programma te maken. Door de combinaties van verschillende parken is de kans groot om een grote varieteit aan wildlife te zien. De afwisseling met cultuur maakt het nog rijker.  Daarnaast is een afsluiting op de mooie stranden van Zanzibar of de Swahili coast op het vaste land een echte aanrader. Ik krijg zelf ook al weer helemaal zin om op safari te gaan :-D.

Marion